Logo CE Delft

CE Mailvisie februari 2015


Denktank Energiemarkt – gas/warmtemarkt

Nadat in 2014 uitgebreid is gesproken over de ontwikkelingen in de elektriciteitsmarkt (zie ce.nl/denktank en projecten hieronder), hebben de deelnemers besloten om in 2015 de analyse te verbreden naar de gas/warmtemarkt. Centraal staat de vraag wat de impact is van de verduurzaming voor de vraag naar warmte, zowel lage (<100 °C) als hoge temperaturen, die nu vooral met aardgas wordt voorzien. En, zoals ook bij elektriciteit aan de orde was, welke aanpassingen van marktregels zijn nodig om de verduurzaming soepel te laten verlopen. Meer informatie: Frans Rooijers 015-2150 150.  naar boven

Simulatiemodel flexibiliteit elektriciteit 2020

Voor de Denktank Energiemarkt analyseerde CE Delft de toenemende noodzaak voor flexibele aanpassing van vraag en aanbod van elektriciteit. Om deze behoefte aan flexibiliteit nauwkeurig te kwantificeren gaat CE Delft samen met Kyos een simulatiemodel ontwikkelen van de day-ahead markt, de prijsvorming en de onbalansmarkt voor elektriciteit in Nederland. In de simulatie worden diverse vormen van flexibiliteit  en prijsvorming doorlopen (extra/minder vraag, vraagverschuiving, opslag, extra/minder productie).
Meer informatie: Sebastiaan Hers 015-2150 150. naar boven

Routekaart vraagflexibiliteit 2030

Een samenwerkingsverband van Berenschot, CE Delft en Overview BV heeft van de Topsector Energie opdracht gekregen om een routekaart te ontwikkelen voor het ontsluiten van flexibele vraag naar elektriciteit. Het project richt zich op verschillende soorten eindverbruikers van energie: industrie, middelgrote verbruikers (MKB, utiliteitsbouw), en tenslotte de huishoudens inclusief hun rol in het elektrisch opladen van auto’s. Doel is een routekaart op hoofdlijnen voor de ontwikkeling van de vraagflexibiliteit in de eindgebruikerssectoren. We identificeren de kansrijke opties waar de overheid, de industrie en onderzoekers zich de komende 10-15 jaar op zouden moeten richten als het gaat om onderzoek, ontwikkeling en toepassing van vraagflexibiliteit en waar economische kansen voor Nederlandse partijen liggen. Meer informatie: Maarten Afman 015-2150 150. naar boven

Power2Products - vraagsturing procesindustrie

De Nederlandse procesindustrie kan als grootverbruiker een belangrijke rol spelen door haar eigen energievraag te elektrificeren en te flexibiliseren en zo bij te dragen aan lagere energiekosten voor de bedrijven én aan stabiliteit van het elektriciteitsnetwerk. Dat kan door duurzame elektriciteit (zon en wind) te gebruiken als dat in overvloed beschikbaar is en de vraag te verminderen bij minder aanbod. CE Delft, Berenschot en ISPT leiden een project met industrieën, energie- en netwerkbedrijven en consultancybedrijven om dit vraagstuk uit te werken en de oplossingen vorm te geven. Het project heeft als resultaten vijf uitgewerkte business cases die omgezet kunnen worden in investeringsvoorstellen, en een stuk systeemstudie waaronder uitgewerkte energie-, flexibiliteit en prijsscenario’s. Contactpersoon: Maarten Afman 015-2150 150. naar boven

Rendabel warmtenet Hengelo

De gemeente Hengelo heeft CE Delft gevraagd onderzoek te doen naar de kansen, kosten en risico’s van het warmtenet Hengelo. Op dit moment is de bedrijfsvoering niet rendabel doordat warmte wordt opgewekt met fossiele brandstof. Die kan verbeteren door restwarmte van AkzoNobel te gebruiken en meer klanten aan te sluiten door aanleg van een hoofdleiding. Die is cruciaal om in de toekomst tot een duurzame en rendabele bedrijfsvoering te komen. Hergebruik van de restwarmte van Akzo beperkt de CO2-emissie en draagt daarmee bij aan de duurzaamheidsdoelen van de gemeente Hengelo. Meer informatie: Benno Schepers 015-2150 150. naar boven

Schaduwprijzen - Wat is MVO waard

Veel bedrijven maken nu hun jaarverslag en ontdekken dat het moeilijk is om hun maatschappelijke waarde precies te bepalen. Al sinds 1996 ontwikkelt CE Delft methodieken waarmee milieuverbeteringen kunnen worden gemonetariseerd. Dit worden 'schaduwprijzen' genoemd. Het idee erachter is dat in veel marktprijzen de externe kosten (bijv. milieuschade) niet goed is verdisconteerd. In 2010 heeft CE Delft het breed gedragen Handboek Schaduwprijzen uitgegeven, waarin waarderingscijfers voor meer dan 400 milieugevaarlijke stoffen worden gegeven. Dit handboek, destijds gefinancierd door het ministerie van VROM, Thermphos en de Stichting Stimular, wordt zeer veelvuldig gebruikt, o.a. door het PBL, ECN, CPB, SEO en WereldBank. De Nederlandse Spoorwegen hebben in 2013 de impact op het milieu (inclusief geluid) gewaardeerd met het schaduwprijzenhandboek van CE Delft. In november 2014 kreeg het MVO-jaarverslag van NS de Kristalprijs 2014, de prijs voor het meest transparante jaarverslag. Meer informatie: Sander de Bruyn 015-150 150. naar boven

Voedselresten GFT of riool

In Nederland gooien we voedselresten in de vuilnisbak of bij het GFT-afval. Een andere optie is om, zoals in de VS, voedselresten te vermalen in de gootsteenafvoer waarna het verwerkt wordt in de rioolwaterzuivering. CE Delft onderzoekt op dit moment middels een levenscyclusanalyse (LCA) voor STOWA, Rioned en RVO de milieu-impact van de bestaande routes (restafval en GFT) en potentiële routes (waterketen en nieuwe waterketen) voor verwerking. Daarbij wordt ook de nieuwe waterketen onderzocht waarin wc-water en voedselresten samen afgevoerd worden (gescheiden van bijvoorbeeld douchewater) en vergist worden met terugwinning van fosfaat. Meer informatie: Ingrid Odegard 015-2150 150. naar boven

Verkoop duurzaam hout

Het secretariaat van de Green Deal 'Bevorderen duurzaam bosbeheer' heeft CE Delft opdracht gegeven om verschillende financiële instrumenten door te rekenen die de verkoop van duurzaam (tropisch)hout kunnen bevorderen.
CE Delft kijkt daarbij o.a. naar de verschillende fasen in de keten waar een heffing of subsidie zal worden doorbelast en hoeveel invloed deze uiteindelijk heeft op het prijsverschil tussen duurzaam en niet-duurzaam hout voor de consument. Er wordt bepaald welke gedragsreacties de verschillende financiële instrumenten teweeg brengen. Meer informatie: Geert Bergsma 015-2150 150. naar boven

Brandstofvisie transport

CE Delft speelt als één van de drie partijen in het kennisconsortium (met TNO en ECN), een inhoudelijke rol in de brandstofvisie. Met 150 stakeholders is in 2014 een brandstofvisie opgesteld, gevolgd door een actieagenda. CE Delft was verantwoordelijk voor het doorrekenen van alle groeiscenario’s van nieuwe energiedragers en het beantwoorden van specifieke kennisvragen. Ook hebben we een eerste analyse gemaakt van te verwachten werkgelegenheidseffecten. Verder is in een drietal notities input gegeven aan de discussie over de rol van gas en biobrandstoffen in wegvervoer. Tevens is onderzocht wat er nodig is om te voorkomen dat emissiereducties in de transportsector niet worden afgewenteld op andere sectoren (d.w.z. een well-to-wheel-benadering). In 2015 wordt de actieagenda verder uitgewerkt en ondersteunt CE Delft dit proces, samen met TNO en ECN. Meer informatie: Huib van Essen 015-2150 150. naar boven