Rapport

Alternatieven voor de Eemshavencentrale

Natuur & Milieu heeft CE Delft gevraagd om de technische en economische haalbaarheid van verschillende opties voor een toekomstige invulling van de Eemshavencentrale in het energiesysteem in kaart te brengen. De eigenaar RWE overweegt om na 2030 over te stappen op houtige biomassa in combinatie met afvangen en vastlegging van de koolstof (CCS-BECCS).

CE Delft heeft ook gekeken naar de omschakeling naar een waterstofcentrale, een ijzerpoedercentrale en warmteopslag voor aandrijving van de generatoren.

Voor alle onderzochte technieken geldt dat ze op dit moment nog niet in deze vorm en op de schaal van de Eemshavencentrale toegepast worden, en dat er dus nog grote onzekerheden zijn over de mogelijkheid binnen vijf jaar. Voor de langere termijn, richting 2040, gelden de volgende overwegingen:

  • BECCS heeft naar verwachting de laagste kosten per MWh geleverde elektriciteit.
  • De Roadmap voor koolstofverwijdering van het ministerie van Klimaat en Groene Groei geeft echter aan dat ondersteuning van grootschalige BECCS vanuit de overheid niet voor de hand ligt. Dit omdat wordt gesteld dat laagwaardige toepassing van duurzame biomassa, zoals het opwekken van elektriciteit, zoveel mogelijk moet worden afgebouwd en BECCS niet goed flexibel ingezet kan worden.
  • IJzerpoeder heeft naar verwachting de hoogste kosten, en de Eemshaven lijkt hier geen logische locatie voor.
  • Het lijkt technisch niet haalbaar om de bestaande kolencentrale om te bouwen naar een waterstofcentrale. Een nieuwe waterstofcentrale kan wel een optie zijn.
  • De optie met warmteopslag is in theorie interessant, aangezien de kosten lager lijken te zijn dan bij ijzerpoeder en waterstofcentrales. Echter is de technische haalbaarheid op de vereiste schaal nog onzeker.

Meer over